Wie staan erop: Links-midden, blauw aangekruist: Pierre van Besouw (geb. 1921)
Midden, blauw aangekruist: Miet van Puijenbroek (1914-1999)
Midden, armen gekruist: Henk van Dooren (1904-1977)
Van de tientallen mensen op de foto, genomen rond 1940 bij wollenstoffenfabriek Van Dooren & Dams (vD&D) op Korvel, komen er hier maar drie aan de orde.
Allereerst Pierre van Besouw, geboren in 1921, van wie de foto is.
Op achttienjarige leeftijd, in 1939 begon hij in de textiel bij van vD&D. Dat betekende als jonge knaap de diverse afdelingen aflopen om het bedrijf te leren kennen, van duvelmolen voor de ruwe wol tot de appreteermachines voor de afwerking van de rollen stof.
Met Miet heeft hij nog samengewerkt bij de volmolens en andere appreteermachines.
Verder Henk van Dooren (1904-1977), mededirecteur bij vD&D, centraal in het midden bij deze verder onbekende feestelijk gebeurtenis.
Als laatste Miet van Puijenbroek (1914-1999), die een jaar na haar dood werd uitgeroepen tot Tilburger van de Eeuw.
Van 1928 tot 1955 is ze in de textiel werkzaam geweest, bij acht verschillende bedrijven. ‘Alle acht zijn ze naar de knoppen gegaan’, veinst ze een oorzakelijk verband.
Begonnen als stopster in 1928 op 14-jarige leeftijd bij vD&D heeft ze het daar relatief lang volgehouden, dat ze daar rond 1940 nog werkte.
‘We waren nog zo onschuldig. Op het bedrijf heb ik niet alleen gewerkt, maar ook nog veel gespeeld. Met z'n allen zingen en voordragen als de baas even weg was. 'We zijn zo blij haidie haida haidom'. Enorm veel plezier hadden we onder mekaar.
De baas had de wevers en stopsters hard nodig. Als hij moeilijk deed, stak ik mijn handen in de lucht. 'Als ik moet gaan, dan neem ik wel m'n handen mee', zei ik er dan bij.’
Miet heeft zich bij vD&D als actieve vakbondsvrouw kunnen ontwikkelen. Van Dooren & Dams stond erom bekend dat er de mondige arbeiders werkten. Het was voor haar ondenkbaar om vlakbij, bij Van Diepen te werken, waar ‘de braveriken hun karige kost verdienden’.
Miet van Puijenbroek is met name bekend omdat zij 37 jaar raadslid is geweest, vier jaar wethouder van sociale en culturele zaken in Tilburg en veertien jaar lid van Provinciale Staten van Noord-Brabant. De twintig jaar tussen 1955 en 1975, waarin ze voorzitster was van de aan de bond gelieerde Katholieke Arbeiders Vrouwen, omschreef ze "als de mooiste uit mijn leven".
Met dank aan Pierre van Besouw
En: Tom Tacken, 1996, ‘Tilburg, tijdschrift voor geschiedenis, monumenten en cultuur’.
| Relaties met Stadsdelen: |
|---|







