Volkstuinvereniging Dongenseweg – Jacko Obels

Weg met de banaan, kom maar op met die kruisbes

“Hè, weet jij niet wat een kwee is?” Voor Jacko Obels is het gesneden koek. Zijn moestuin barst zowat uit zijn voegen door de veelheid aan exotische fruit- en groentesoorten. Een rondleiding met Jacko is tevens een spoedcursus biologisch tuinieren.

Tuin Jacko - Maria van der Heyden

Hij tuiniert al zijn hele leven lang. Als kind op de boerderij van zijn ouders en later als professioneel tuinbouwer. Hij noemt zich onderzoekend en ontdekkend en is daarbij altijd op zoek naar variatie in producten, smaken en historische gewassen. Chemische middelen zijn uit den boze. Onkruid ziet hij niet als een probleem, hooguit lastig.

‘Eigenlijk kennen we in Nederland maar heel weinig verschillende smaken.’ 

Volkstuinvereniging Dongenseweg begon 59 jaar geleden op de locatie waar nu het ETZ TweeStedenziekenhuis (het voormalige Mariaziekenhuis) staat. Tegenwoordig is het een multiculturele volkstuin. De circa veertig leden delen niet alleen hun passie voor de moestuin, maar ook hun kennis van gewassen en gerechten. “In Nederland kennen we eigenlijk maar heel weinig verschillende smaken,” zegt Jacko. “Het zijn voornamelijk de supermarkten die dicteren wat er in de schappen ligt.”

Kruisbestuiving

Ondertussen wijst hij vol trots op Poolse kornoeljebessen, Oekraïense kweeën, mispels, Duitse sla, zeekool, Afrikaanse komkommer en scarole. Stuk voor stuk gewassen die je niet in de Nederlandse supermarkten tegenkomt, maar wel erg lekker zijn. “Mijn favoriet? Rattestaart, dat is een soort radijs waarvan je de vruchtjes eet in plaats van de knolletjes.”

In een proeftuin staan tientallen struiken met een veelheid aan bessen- vijgen- en andere vruchtenrassen. ‘Weg met de banaan, kom maar op met die kruisbes,’ zo luidt het motto van Jacko. “We zijn eraan gewend geraakt om op productie te telen, maar productie zit eigenlijk in de smaak. En zeg nou zelf: een kruisbes is toch veel smaakvoller dan een banaan? Door deze figuurlijke kruisbestuiving van mensen, kennis en ervaring krijgen we allemaal een grote variëteit aan groente en fruit op ons bord.”

‘Misschien ben ik wel een luie tuinder.’

Doodzonde

Jacko’s perceel omvat zo’n 250 vierkante meter. Volgens eigen zeggen haalt hij hier drie oogsten per jaar vanaf, terwijl hij er gemiddeld slechts vier uur arbeid per week in stopt. Een padenstructuur of indeling in gewassen lijkt ver te zoeken en ook de traditionele composthoop ontbreekt. “Dat is nou hoe biologisch werkt,” benadrukt hij. “Om de bodem gezond te houden, moet je er zo weinig mogelijk aan doen. Ik breng al het groenafval direct terug op de tuin en schoffelen doe ik zeer beperkt. Je zou mij een luie tuinder kunnen noemen, haha. Kijk, we hebben hier ook tuinders die elk grassprietje verwijderen en in de winter een open zandvlakte hebben liggen. Maar dat is feitelijk een doodzonde voor de grond. Een gezonde moestuin is gebaat bij constante begroeiing.”

Eeuwig moes

Vanwege zijn werk in de agro-sector leerde Jacko ook de volkstuincultuur van andere landen kennen. “Zelfs in Rusland en Amerika zie je farmers markets met een grote diversiteit in groenten en fruit. Allemaal lokaal geproduceerd en vrijwel alles is biologisch. Dat is daar heel populair, maar waarom doen wij dat niet? Waarschijnlijk omdat we het niet kennen. Nieuwe moestuiniers binnen onze vereniging haken soms af omdat ze geen idee hebben waar ze moeten beginnen. Maar als je de eenmaal de mogelijkheden ziet, dan gaat er een wereld voor je open.”

En dan lachend, terwijl hij een plant aanwijst: “Dit hier heet eeuwig moes. Het is gewoon broccoli, boerenkool of bloemkool. Maar het is een vaste plant waarvan je continu kunt oogsten. Met die wetenschap is het toch raar dat er een wereldvoedselprobleem is?”

Alle rechten voorbehouden

Media