Koeken voor Nieuwjaar

Tilburg heeft een mooie traditie: de Nieuwjaarskoek die vanaf december bij diverse bakkers in Tilburg in de etalage ligt. Een ovale, bruine koek met wit gespoten letters ‘Gelukkig Nieuwjaar’. De bakkers claimen dat zij over ‘de enige echte’ en ‘eeuwenoude recepten’ beschikken. Stadsmuseum Tilburg gaat in 2026 met bakkers en inwoners van gemeente Tilburg deze traditie bij de start van een nieuw jaar onderzoeken. In hoeverre kunnen we spreken van immaterieel erfgoed?

Herkomst van de nieuwjaarskoek

Uit historische krantenbronnen blijkt dat het gebruik al in de achttiende eeuw voorkomt en zich in de negentiende eeuw verder verspreidde, waarbij het een duidelijke sociale en later ook commerciële rol kreeg. Vanaf 1920 eigent Tilburg zich de nieuwjaarskoek steeds nadrukkelijker toe. In de jaren daarna wordt het beeld van de nieuwjaarskoek als Brabants gebruik verder versterkt, onder meer door een veel gepubliceerde foto uit 1924 van een boer die een koek aanbiedt aan zijn buren. Het hoogtepunt volgt in 1929, wanneer Tilburg de Nederlandse Folkloreschouw organiseert en de nieuwjaarskoek een vaste plek krijgt in de ‘wintergroep’, naast Sinterklaas, Driekoningen en vastenaovendzangers.

Geheim recept

De traditie van de Tilburgse nieuwjaarskoek leeft niet alleen voort in gebruiken, maar ook in recepten die van generatie op generatie worden doorgegeven. Stadsmuseum Tilburg deed onderzoek naar de herkomst van het ‘geheime recept’ en de claim ‘enige echte’ van Govert van Nunen. Deze traditie gaat terug tot het familiebedrijf Bakkerij Maas, opgericht in 1808 als opvolger van bakker Klijssen. Maas ontving volgens mondelinge overlevering het oorspronkelijke recept rechtstreeks uit diens handen. Hij gaf de koek zijn kenmerkende vorm door hem plat te slaan en er met wit glazuur een nieuwjaarswens op te schrijven. Sindsdien bleef het recept een streng bewaakt familiegeheim.
Het zijn niet alleen bakker Maas en Van Nunen, die de traditie levend houden. Ook andere bakkers, zoals Van Maarten van Vlerken, Van Iersel, Floor van Lieshout, Robèrt van Beckhoven en Theo Pastoor houden de traditie mede in stand.

Foto Joris Buijs