Drie families kwamen dan samen in het huis van de familie Enneking aan de Bredaseweg, waaronder ook familie uit België. Het was een drukte van belang: zestien kleinkinderen, ouders, ooms en tantes, allemaal bij elkaar om het nieuwe jaar in te luiden. Bénedictes grootvader, samen met zijn broer eigenaar van textielfabriek H.F.C. Enneking aan de Goirkestraat, opende steevast een fles champagne. Daarna verscheen hij met een indrukwekkende stapel nieuwjaarskoeken, besteld bij bakker Maas in de Heuvelstraat, de man die volgens velen de nieuwjaarskoek ‘uitvond’. Voor ieder kleinkind was er een eigen koek, persoonlijk voorzien van een naam in wit glazuur: ‘Zalig Nieuwjaar Bénedicte’. Een voor een werden de kinderen naar voren geroepen om hun koek in ontvangst te nemen. De ouders kregen een extra grote, gezamenlijke koek met daarop ‘Zalig Nieuwjaar Clé en Marie-Thérèse’.
De kinderen begonnen meteen te knabbelen, tot lichte wanhoop van hun grootmoeder die overal in huis sporen van wit glazuur aantrof. Thuis ging het snoepen vrolijk verder, totdat Bénedicte op een dag ontdekte dat haar moeder alle koeken in stukken had gesneden en in een koektrommel had opgeborgen. De verontwaardiging was groot: de eigen, persoonlijke koeken waren verdwenen in een algemene voorraad die alleen tijdens het theeuurtje werd geopend. Bénedictes grootmoeder vond het maar niets, maar haar ouders zagen het als een manier om het snoepen een beetje te doseren.
Zalig Nieuwjaar
Hoewel niet ieder kind in het gezin even enthousiast was over de traditie, bleef Bénedicte er altijd van genieten. Later, toen ze volwassen was, haalde ze haar koeken bij de bakkers Van Nunen op de Westermarkt of Van Vlerken in de Heuvelstraat. Voor haar maakte het niet uit wie ze bakte; ze vond ze allemaal even lekker. Tot op de dag van vandaag koopt ze voor voor haar moeder een nieuwjaarskoek. Bij Van Nunen is deze gedecoreerd met ‘Gelukkig Nieuwjaar’, bij Van Vlerken staat er ‘Zalig Nieuwjaar’. Dat laatste gebruikt Bénedicte bewust. “Wij zeggen ook altijd ‘Zalig Nieuwjaar’, dat is immers een typisch katholieke, Brabantse en Limburgse wens die voor mijn gevoel bij de traditie hoort.”
De nieuwjaarskoek is voor Bénedicte meer dan een lekkernij. Het is een stukje familiegeschiedenis, een warm ritueel dat van generatie op generatie is doorgegeven. Ze ziet het als immaterieel erfgoed van Tilburg, een traditie die gekoesterd moet worden. Voor haar is het duidelijk: de nieuwjaarskoek hoort bij Tilburg, bij haar familie en bij het begin van elk nieuw jaar. En dat mag nog lang zo blijven.
Foto: Bénedictes jongere broer Clé (Tilburg 1964) knabbelt aan zijn Nieuwjaarskoek met de tekst 'Zalig Nieuwjaar Clétje'.
Stadsmuseum Tilburg