Tilburg en Marie-Colette zijn nauw met elkaar verbonden, Frans van Spaendonck (Tiburg 1920- Buchenwald 1945) en Céline Diepen (Tilburg 1920- Oisterwijk 1987) speelden een belangrijke rol in het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vader Frans verbleef in gevangenschap in kamp Vught toen Marie-Colette geboren werd. Céline bracht haar dochter alleen ter wereld. Frans heeft nog juist enkele dagen voor zijn deportatie naar Sachsenhausen van haar geboorte vernomen. Na enkele jaren hertrouwde Céline en kreeg Marie-Colette nog vier zusjes en een broertje.
Marie-Colette trouwde met André Kerstens en kreeg vier kinderen. “Zolang ik in (de omgeving van) Tilburg woonde kregen mijn kinderen en later de kleinkinderen ieder een koek met hun eigen naam. Met Kerst en Oud en Nieuw waren wij altijd met alle kinderen en kleinkinderen bij elkaar. Na de nachtmis aten we worstenbroodjes en met Nieuwjaar kreeg elk koppel een koek met beide namen erop, en elk kleinkind zijn eigen koek met naam. "Of ik de koeken kocht bij Govert van Nunen aan de Westermarkt, of Theo Pastoors in de St. Josephstraat, dat weet ik niet meer.” Op de foto staan twee Nieuwjaarskoeken voor zoon Pepijn en zijn lief Wilmy. Ook voor de kleine Loulou is en een eigen grote koek.
Voor Marie-Colette draait het niet zozeer om de smaak. “Het gaat me om de geur en het gevoel van het gebaar. Eigenlijk ben ik helemaal niet zo’n zoetekauw. Ik vond zelfs in mijn trommel nog een stukje van de koek van vorig jaar. Niet tot de laatste kruimel opgegeten dus.“ Sinds Marie-Colette in Amsterdam woont, is de traditie van de koeken helaas voorbij. Toch blijft ze verbonden aan Tilburg: het verhaal van haar ouders, haar jeugd en de tradities van de stad.
Stadsmuseum Tilburg