Taal leren
Sinds ze in 2022 in Nederland aankwam, werkt Mariam hard om de Nederlandse taal te leren. Dat begon al in het azc. Later deed ze een inburgeringscursus bij het Refugee Team en nu ze die afgerond heeft, volgt ze ook een taalcursus. Bij Bindweefsel kan ze Nederlands oefenen én met haar oude vak bezig zijn; twee vliegen in een klap.
Andere kijk op textiel
In haar geboorteland werkte ze 10 jaar lang als kleermaker, een veelvoorkomend beroep in Somalië. ‘Mensen gaan meestal niet naar een winkel voor hun kleding’, vertelt Mariam. ‘Ze kopen stof en brengen die naar een kleermaker om er iets van te laten maken. Dat is ook goedkoper.’ Mariam maakte vooral kleding voor kinderen en vrouwen. Maar wat ze bij Bindweefsel doet, is wel wat anders dan jurken maken. ‘Nu moet ik zelf iets bedenken. Dat vraagt om een andere benadering. Ik heb geleerd om met ideeën te komen en op een kunstzinnige manier naar textiel te kijken.’
Samenwerking
Voor haar aandeel in het textielkunstwerk koos ze een herkenningspunt dat uniek is voor het dorpje aan zee waar ze vandaan komt: de toren. Haar maatje helpt haar met de uitwerking. ‘Zij kan goed tekenen, ik niet. Maar ik ben dan weer goed met de naaimachine. Zo helpen we elkaar en houden we onze samenwerking in balans.’ De passementen die ze voor de uitvoering gebruikt, zijn in zekere zin ook nieuw. ‘In Somalië gebruikte ik ze ook wel om in de kleding te verwerken, maar dan kocht ik ze in de winkel. Nu kan ik de kleuren kiezen en ze zelf maken. De mogelijkheden van de machines in het TextielLab spreken mij erg aan.’
Na Bindweefsel
Is er een toekomst voor haar weggelegd als kleermaker hier in Nederland? Mariam denkt van niet. ‘Hier kopen mensen hun kleding in de winkel’, zegt ze. ‘Ik wil wel met textiel werken, maar ik denk niet dat ik er de kost mee kan verdienen.’ Maar bij Bindweefsel ontdekte ze nog een ander talent van zichzelf: ‘Ik ben een sociaal mens. Ik praat met iedereen en heb ook al vrienden gemaakt hier. Na Bindweefsel zou ik het leuk vinden om met andere mensen te werken, bijvoorbeeld als sociaal werker.’
Trots
Mariam is trots op haar bijdrage aan het kunstwerk. ‘Straks komen mensen ernaar kijken en kan ik zeggen dat ik eraan meegewerkt heb.’ Maar nog belangrijker is de band die ze opbouwde met de andere deelnemers. ‘Hier zijn we allemaal hetzelfde, al komen we uit verschillende culturen. Sommige dingen zijn hetzelfde, andere dingen niet. Iedere vrouw heeft haar eigen verhaal en het is belangrijk dat ze dat hier kan vertellen. Ja, ik heb hier echt vrienden gemaakt.’
Tekst en interview Esther Nagtegaal
Foto Kevita Junior
Stadsmuseum Tilburg