Wat goed is moet je niet wegdoen, zo luidt het credo van banketbakker Maarten van Vlerken (76). Hij is de derde generatie van het bakkersgeslacht Van Vlerken, dat sinds 1903 gevestigd is in de Heuvelstraat. Zijn grootvader nam de bakkerij over van de heer Verschuren, die hier rond 1870 een bakkerij begon in het vroeg achttiende-eeuwse pand waarin ooit herberg “Het Vliegend Hert” was gevestigd. ‘Mijn vader en bakker Maas, eveneens uit de Heuvelstraat, waren de enigen die de Nieuwjaarskoeken in ere hielden. Zo hebben wij samen deze Tilburgse traditie gered,’ lacht hij.
‘Samen met bakker Maas hebben wij de traditie gered 😊’
Ook Maarten bevestigt dat het geven van een Nieuwjaarskoek voortkomt uit de Tilburgse textielfamilies. ‘Daar zat het geld. De koek was een relatiegeschenk.’ Van oudsher heeft Van Vlerken een groep vaste klanten die jaarlijks de Nieuwjaarskoek koopt. Daaronder ook nazaten van bekende Tilburgse textielfamilies. ‘Zij zetten de traditie van hun ouders en grootouders voort. Ook Tilburgers die verhuisden naar elders in het land, bestellen jaarlijks een Nieuwjaarskoek. Anderen verzenden een koek naar geëmigreerde familieleden. Ooit kwam hier een oudere dame die elk jaar werkelijk een karrevracht aan koeken bestelde. Alle kinderen, kleinkinderen en aangetrouwden kregen van haar zo’n koek. Die mevrouw is inmiddels overleden, maar de familie zet de traditie wel voort.’
Traditioneel schrijft Van Vlerken “Zalig Nieuwjaar” op de ovalen koek. ‘We zijn Tilburgers hè.’ Op de kleine variant komt alleen het jaartal te staan, terwijl op de middelgrote en grote formaten ook een tekst naar keuze mogelijk is. Vaak zijn dat de namen van kinderen of kleinkinderen. ‘Ooit kreeg ik het verzoek om er “Pony Lul Koek” op te schrijven. Het was voor een kunsttentoonstelling. Nou ja, dan doen we dat. Jammer genoeg heb ik niet gevraagd wat dat betekende.’
‘Ons recept is sinds 1903 niet meer veranderd’
Elk jaar maakt Maarten eenmalig een hoeveelheid deeg aan. Na de bestervingsperiode is het bakken geblazen. ‘Mijn opa had een eigen recept, dat is sinds 1903 nauwelijks veranderd. Als je de koeken van mijnheer Maas (nu Govert van Nunen, red.) en die van mij naast elkaar proeft … dat is een wereld van verschil.’ Pas na Kerstmis liggen de koeken in de winkel. ‘Die tradities wil ik strikt gescheiden houden. Eerst Sinterklaas, dan Kerstmis en pas daarna wordt het Nieuwjaar. In die volgorde zie je mijn etalage dus ook veranderen. Dit jaar was ik op 31 december om 11.00 uur helemaal uitverkocht. Zoals ik al zei: goeie dingen moet je niet veranderen.’
Maarten gaat voorlopig nog wel even door met het bakken van de Nieuwjaarskoek. ‘Over opvolging denk ik niet na, dus heb ik zelf maar voor vijfentwintig jaar bijgetekend.’
Tekst Theo van Etten
Foto Joris Buijs
Stadsmuseum Tilburg