Oud- en Nieuwjaar in Café-restaurant China

‘Oud- en Nieuwjaar vieren!’ roepen Els (77) en Ronald (74) Holtrop in koor. Het is hun mooiste herinnering aan de periode waarin hun ouders bedrijfsleider waren van Café-restaurant “China”, dat in de jaren vijftig, zestig en zeventig was gevestigd op de Heuvel.

Els en Ronald Holtrop - TvE - 15-05-2026 (1).jpg

Els Holtrop en Ronald Holtrop, mei 2026 (Foto: Theo van Etten)

‘De lange rij gedekte tafels waar de hele familie, samen met het voltallig personeel en hun gezinnen, samenkwamen om te eten. Dat je zelf mocht kiezen wat je wilde eten en dat je mocht opblijven. Want natuurlijk was er om twaalf uur dat prachtige vuurwerk. Niemand in de stad stak zulke mooie pijlen af en had zoveel knalwerk als wij. Het was steevast een dag om nooit te vergeten.’

Restaurant “China” (1)

Bij de opening op 1 mei 1952 is “China” het eerste Chinese café-restaurant in Zuid-Nederland. De eigenaar is Kuo Wang Woo, maar de ouders van Els en Ronald voeren van 1954 tot midden jaren zeventig de bedrijfsleiding. Op een foto uit 1964 zien we de voorgevel van het pand, rechts naast “De Korenbeurs”. De naam van het restaurant staat in rode letters op de voorgevel en in goudkleurige letters – inclusief Chinese tekens – op de ramen. Op de rode banier naast de voordeur staan Chinese tekens die ‘Geluk, Voorspoed, Fortuin’ betekenen en verder (minder goed leesbaar) wordt duidelijk gemaakt dat de gasten hier kunnen genieten van een Chinese (Kantonese) maaltijd. Voor de deur – dat wil zeggen óp het plein, want in die tijd rijden de auto’s nog rondom de Heuvel – staan een blauwe Opel Kapitän en een witte Volkswagen Kever geparkeerd. ‘Die was van de jongste ober en die Opel was van mijn vader,’ begint Ronald. ‘Aan de binnenzijde was die met mooi rood skai bekleed. Mijn vader had een auto met een grote kofferbak nodig, zodat hij de zakken rijst kon afhalen in Rotterdam. Thuisbezorgen kwam pas veel later.’

Van Indië naar Nederland

Moeder Lo(h) Lai Ying is geboren in Hongkong en woont in Singapore als ze de KNIL-militair Julius Holtrop leert kennen. Hij is geboren in Makassar op het eiland Celebes en heeft Nederlandse voorouders. Samen verhuizen ze naar Nieuw-Guinea, het laatste overzeese Nederlandse gebiedsdeel in Azië. Hier neemt Julius Holtrop namens Nederland deel aan de politionele acties. ‘Dat vond hij verschrikkelijk,’ vertelt Ronald met betrokken gezicht. ‘Omdat hij moest vechten tegen zijn eigen klasgenoten.’

Nadat hij in Singapore gevangen wordt genomen door ‘de Jappen’ en later door de Britten wordt bevrijd, trouwen Julius en Loh Lai. ‘Vrouwen mochten alleen mee naar Nederland als zij getrouwd waren, dus werden er massaal huwelijken gesloten,’ legt Els uit. Zelf is ze in een legerkamp in de Rio Archipel op Noord-Sumatra geboren, Ronald in Manokwari in West-Nieuw-Guinea. In 1954 komt het gezin naar Nederland, Els en Ronald zijn dan 4 en 1 jaar. Julius kan als Nederlands militair al op zijn 43e met pensioen, maar van zijn beperkte AOW kan hij niet leven. ‘Toen is hij een baantje gaan zoeken bij een Chinees restaurant om de ziekenfondspremie te kunnen betalen,’ legt Els uit. Een oom van mijn moeder had al twee restaurants in Groningen op de Oude Markt en sinds 1952 was hij ook in Tilburg een restaurant begonnen. Zo kwamen mijn ouders bij “China” terecht.

Werken in het restaurant

Daar worden ze door velen gezien als de uitbaters van het bedrijf. Loh Lai spreekt Chinees en communiceert daardoor goed met de koks en het bedienend personeel. Julius doet de inkoop. Rijst haalt hij op in de Rotterdamse haven, groenten en vlees koopt hij op de lokale markt. ‘Dat ging allemaal heel amicaal. Hij nodigde de marktkoopmannen uit om na het werk een biertje te komen drinken en daardoor kreeg hij korting op zijn inkopen,’ vertelt Ronald. ‘Zij regelden alles met hem; mijn vader sprak Nederlands, terwijl de eigenaar en de koks in het restaurant Chinees waren.’

Loh Lai doet elke maand boodschappen in de Chinese wijk in Amsterdam. Meestal brengt ze ook spullen mee voor andere Chinezen in Tilburg. Els: ‘Dat was echt een uitje voor haar. Ze ging al die restaurants af, waar ze een praatje maakte met het personeel. Dat ging nog in het Kantonees, de taal van de oudere generatie Chinezen, maar ook de handelstaal. Tegenwoordig leren kinderen op de Chinese school Mandarijns, wat nu de officiële taal is.’ 

Restaurant “China” (2)

Ook Els en Ronald werken bij tijd en wijle in het restaurant. Vooral vakantiewerk, want hun ouders staan erop dat ze een goede opleiding volgen. Hoewel het voor vrouwen eigenlijk verboden is om in het restaurant te werken, wordt dit oogluikend toegestaan. Zo kan Els sparen om de door haar zo vurig gewenste Mobylette te kopen. Ze helpt haar moeder met koffie schenken en tafels afruimen. Zij omschrijft Restaurant “China” als een goedlopende, klassiek chique zaak met authentieke Chinese gerechten. In de begintijd is dat vooral nasi, bami en loempia. ‘Voor die tijd was het heel luxe hoor. Er stonden ronde tafels, dat was nieuw voor Tilburg. Met witte gesteven lakens die telkens naar de wasserette gingen om gereinigd te orden. De obers droegen een smetteloos pak met das. In de zeventiger jaren werd het allemaal iets sjofeler en kwam er een transparant over de witte lakens om ze schoon te houden. Het exclusieve ging eraf: op een gegeven moment waren er wel meer dan twintig restaurants in Tilburg.’

Opgroeien in Tilburg

Els en Ronald groeien op in het naoorlogse Tilburg. Op Korvel, in een echte arbeiderswijk, worden veel Indische militairen gehuisvest. Het is de tijd van bij elkaar achterom gaan en een touwtje met sleutel uit de brievenbus. Els en Ronald integreren snel en spelen samen met Tilburgse kinderen. Els: ‘Wij mochten iedereen mee naar huis brengen, maar die taal … “Ik wil hier geen Tilburgs horen,” daar hamerde mijn moeder op. Als we zo’n taal spraken, zouden we nooit aan een baan komen, dacht zij, haha. Om diezelfde reden spraken Indische mensen ook geen Maleis waar de kinderen bij waren.’

Ronald: ‘Er was geen schaamte hoor, maar onze ouders wilden gewoon het beste voor ons. Wij zelf wisten niet beter en groeiden op als Nederlanders. We hebben een goede studie kunnen volgen en voelen ons hartstikke Nederlands.’ Els: ‘Achteraf gezien werd er op school soms vreemd tegen ons aangekeken natuurlijk. Dan hoorde je: “Hé, spleetoog!” Maar dan riep ik gewoon iets terug: “Ach, jij kaaskop!” En dan was het goed. Iets als pesten heb ik nooit ervaren. Hierdoor – en ook in mijn latere werk – heb ik wel geleerd wat het grootste verschil is tussen Nederlanders en Indische mensen. De directheid versus zaken met allerlei omwegen benaderen. Nederlanders hebben het liefst dat je meteen zegt waar het op staat. Je hoeft niet bang te zijn om mensen daarmee te kwetsen.’

Ronald: ‘Andersom vind ik Chinezen gemoedelijker. Ze nodigen je makkelijk uit en als je op de koffie komt, krijg je een complete maaltijd aangeboden. In Nederland hoor je vóór het eten weer de deur uit te zijn. Dergelijke omgangsvormen moet je van elkaar leren.’ Els heeft nog een leuke anekdote. ‘Onze buurvrouw kwam langs voor een “tas koffie”. Aangezien Indische mensen altijd veel eten op voorraad hebben voor onverwacht bezoek, dachten wij echt dat ze een tas vol met koffie mee naar huis wilde nemen …’ 

Rode envelop

De familie Holtrop viert zowel het Nederlandse als het Chinese nieuwjaar. Nog altijd worden ze tijdens het Chinese nieuwjaar uitgenodigd door familie in Eindhoven of Den Haag, waar veel Chinezen bij elkaar komen. Dan staat er een keur aan Chinese gerechten op tafel en worden de bekende rituelen zoals de drakendans uitgevoerd. Ronald herinnert zich ineens “de rode envelop”, die hij als kind tijdens oud- en nieuw kreeg. ‘Daar zat geld in en de kleur rood staat voor geluk. Chinezen hebben mij geleerd dat je royaal moet zijn, dat je geeft binnen je mogelijkheden. Want wat je geeft, krijg je ook weer terug. Chinezen zijn hardwerkende mensen. Zuinig en spaarzaam, maar met een groot hart voor de medemens die het minder goed heeft.’

‘Chinezen zijn ook trotse mensen,’ vult Els aan. ‘Ze beginnen liever zelf een restaurant dan dat ze in loondienst gaan. Dan moeten ze weliswaar veel harder werken, maar hebben ze ook meer vrijheid. Voor concurrentie zijn ze niet bang; ze gaan ervan uit dat klanten kiezen voor de beste kwaliteit. En dan valt er voor iedereen wat te verdienen.

Tekst Theo van Etten

Foto Restaurant “China” op de Heuvel, gefotografeerd door Ad de Bont in 1964. (Coll. Regionaal Archief Tilburg)

Bronnen

  • Interview Els en Ronald Holtrop, 11 mei 2026, Theo van Etten
  • Foto: RAT-1747005016 - Ad de Bont - 1964
  • Ronald Peeters, Eerste Chinese restaurant in het zuiden van het land. 

 

Alle rechten voorbehouden

Media