Hartelijke ontvangst voor de zielen van de doden

Op haar voet staat een tattoo van Mexico, zodat ze altijd met één been in haar tweede thuisland staat. Jojanneke van Zandwijk raakte verknocht aan het land, maar vooral aan de mensen. Elk jaar op 1 en 2 november eert ze haar dierbaren op de ‘Mexican way’: thuis met een altaar in de huiskamer.

Foto Maria van der Heyden

“De dood hoort gewoon bij het leven, laten we er een feestje van maken. Dat heb ik niet zelf bedacht hoor, maar in Mexico is dat the way of life,” aldus een enthousiaste Jojanneke. Thuis in haar huiskamer is de salontafel versierd met bloemen, foto’s, Mexicaanse lekkernijen en typische versierselen zoals dodenmaskertjes van brooddeeg. Ook is er een Tilburgse link: een vaantje van de Hasseltse kapel. Vóór de tafel ligt een rij van bloemblaadjes. “Dat is de route voor de dolende zielen,” legt ze uit. En dan lachend: “Officieel hoort die tot mijn voordeur te lopen, maar de kans dat deze Mexicanen hun altaar hier in Tilburg komen zoeken is niet zo groot. Dus dan laat ik het maar zo.”

 

De mensen op de foto’s zijn overledenen die Jojanneke goed gekend heeft en haar na aan het hart liggen. Zoals Lichita, bij wie ze maanden heeft gewoond en mijnheer Isaias die haar lang geleden hielp met het leren van de inheemse taal van de Zapoteken. Verder twee poezen en een bevriend echtpaar dat vorig jaar kort na elkaar overleed aan de gevolgen van corona. ”Als ik denk aan inheemse bevolking van Mexico, dan denk ik aan hen,” zegt ze.

Bananen

Negentien was Jojanneke pas toen ze samen met een vriendin de Atlantische Oceaan overstak. Na een bezoek aan Mexico-City trokken ze via de kust het enorme land door. Het greep haar bij haar lurven, zoals ze zelf zegt: “Ik dacht: wat gebeurt hier? De overweldigende kleuren, de prachtige dorpjes met hun bewoners, de geur, het was allemaal fantastisch. Het ene moment zag ik pelikanen met hun snavels vol vis, het andere moment zat ik tussen een berg bananen op een vrachtwagen om van A naar B te komen. Ik was in een compleet andere wereld terecht gekomen. Bovendien bleek ik ook nog eens goed met de Mexicanen overweg te kunnen, ik voelde me zó op mijn gemak.”

Uiteindelijk belandt ze als jonge student Talen en Culturen van Indiaans Amerika in het dorpje Tlacochahuaya in Zuid-Mexico waar ze in de kost gaat bij mevrouw Lichita. Zij brengt Jojanneke in contact met twee mensen met wie ze een nauwe band opbouwt. “We zijn in de loop der jaren ontzettend naar elkaar toe gegroeid, ze zien mij als hun dochter. Tot nu toe ben ik een keer of achttien in Mexico geweest en elke keer ga ik bij mijn Mexicaanse madre y padre op bezoek.”  

Eén groot feest

Elke ochtend loopt Jojanneke even langs haar altaartje. Ze groet de doden en steekt een kaarsje aan. “De essentie hiervan is dat ik een paar dagen heel bewust bezig ben met de doden. Door ze simpelweg te verzorgen en erbij stil te staan. Je hebt ze dan als het ware weer even bij je. Natuurlijk heeft het iets verdrietigs maar het is vooral heel mooi.”

Mexico bleek een enorme inspiratiebron voor Jojanneke: “De Mexicanen benaderen de Dag van de Doden als één groot feest. Het is lachen, plezier, fantasie en samenzijn, maar er mag ook gehuild worden. De dood is gewoon niet eng. Mictlan, de plek waar de doden samenkomen, is in de beleving van veel Mexicanen een heel concrete plek. Ken je de film Coco? Die gaat daarover. Het is vooral een heel vrolijke film met een mooie boodschap aan het eind. De strekking daarvan is dat je aandacht moet blijven schenken aan de doden, zodat hun zielen de weg naar hun altaar kunnen terugvinden. Doe je dat niet, dan sterven ze nóg een keer.

Het is dus goed om de doden te blijven herdenken. En dat is wat ik hier doe.”

 

 

Het TijdLab (De Bibliotheek LocHal en Stadsmuseum Tilburg) doet onderzoek naar immaterieel erfgoed van inwoners van Tilburg, Berkel-Enschot, Udenhout en Biezenmortel. Bovenstaande tekst en foto's zijn onderdelen van het programma ‘Deze en gene zijde’, over dood en rouwcultuur. Stadsmuseum Tilburg registreert het erfgoed door de verhalen te bewaren in deze website. Regionaal Archief Tilburg bewaart de foto's in de Beeldbank. 

De foto's zijn van Maria van der Heyden; de interviews zijn geschreven door Theo van Etten.

Alle rechten voorbehouden

Media